Advocaten beëdigd: EC O&P Arbeidsjuridisch maakt zich op voor de nieuwe rechtspositie rijksambtenaren

In het Paleis van Justitie te Den Haag zijn op 31 augustus 2018 vier voormalig advocaten, werkzaam als senior arbeidsjuristen bij het UBR-onderdeel EC O&P, opnieuw in het ambt getreden. De advocaten zullen vanaf de inwerkingtreding van de Wnra het bevoegd gezag vertegenwoordigen in arbeidsjuridische zaken bij het Gerechtshof (hoger beroepszaken).

Beediging advocaten 2

V.l.n.r.: Marcel Haddink, Gijs Hehenkamp, Aart Jan Verhagen en Remke den Bremer

Door de invoering van de nieuwe rechtspositie is naar verwachting vanaf 2020 het civiele arbeidsrecht van toepassing. Voor de procesvertegenwoordiging bij arbeidsrechtzaken betekent dit dat de overheidswerkgever bij hoger beroepszaken verplicht is te worden bijgestaan door een advocaat. EC O&P heeft anticiperend daarop nu al vier advocaten in dienstbetrekking. Het Rijk heeft hiermee – met uitzondering van cassatie – volledige procesvertegenwoordiging bij arbeidszaken voor bevoegd gezag ‘in huis´.

Uitgangspunt blijft om een arbeidskwestie in een vroeg stadium op te lossen zodat deze niet leidt tot een juridische procedure. EC O&P zet daarom sterk in op conflictbemiddeling en mediation, voor medewerkers en leidinggevenden. Dit sluit aan bij de wijze waarop sector Rijk en bonden het voorkómen van arbeidskwesties hoog op de agenda zetten.

Op 13 juli 2018 hebben de vakbonden en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) een akkoord gesloten, waarin één van de afspraken is dat er een onafhankelijk geschillenloket wordt ingericht, zodra de Wnra in werking treedt. Mocht het onverhoopt toch tot een juridische procedure komen, dan zijn de advocaten van EC O&P erom het bevoegd gezag bij te staan tot in hoger beroep.