Weblogs

Duoblog Richard Lennartz en Mieke Hoezen: de witgoedhandelaar op de hoek

Gisteren had ik een dag vrij. Eigenlijk is die dag bedoeld voor mezelf, maar helaas weet de hele familie dat dit mijn vaste vrije dag is. Dus… ging de avond tevoren de telefoon: mijn moeder. Of ik tijd had om met haar een nieuwe wasmachine te gaan kopen. Haar machine had het eerder in de week begeven. Ik zuchtte (niet zacht genoeg), waarop mijn moeder direct zei dat het niet veel tijd hoefde te kosten. Bij de witgoedhandel op de hoek stonden twee machines die allebei heel goed waren. We hoefden alleen de oude machine in te leveren, te betalen en het nieuwe apparaat thuis zien te krijgen.

En daar ging het mis. Want natuurlijk hecht ik aan mijn vrije dag, maar mijn moeder kan haar spaargeld goed gebruiken en de witgoedhandel in haar dorp is niet de goedkoopste. Bovendien weet ik dat de handelaar niet veel aanloop heeft, dus dat de modellen die hij op voorraad heeft, waarschijnlijk niet de nieuwste zijn. En ik kreeg gelijk. De apparaten in de winkel waren bovendien beide voorladers, terwijl ik mijn moeder gezien haar zwakke rug altijd een bovenlader zou aanraden.

Wat denk je? Wilde ze met me naar de stad rijden, naar een moderne groothandel? Vergelijkend onderzoek doen op internet? Nee. Ze wilde per se naar de zaak op de hoek. En niet eens omdat ze het belangrijk vindt dat de middenstand in het dorp overeind blijft. Nee. Die man is altijd zo aardig voor haar. Ze heeft er al eerder iets gekocht. En hij adviseert haar zo aardig over het ontkalken van de waterkoker en het instellen van de televisie.

Ik vind de aanbestedingsregels dus zo gek nog niet. Het adviesbureau dat al zoveel voor ons gedaan heeft en altijd zo aardig adviseert, hoeft namelijk helemaal niet het meest geschikt te zijn voor de adviesvraag van vandaag. En waar ik mijn moeder met geen enkel argument ook maar kan laten overwegen om naast de witgoedhandelaar op de hoek te kijken naar de voordelen die de groothandel in de stad haar biedt, helpen aanbestedingsregels vaak wel om klanten tot een rationele keuze te brengen.

Mieke is in 2012 aan de Universiteit Twente gepromoveerd op de ontwikkeling van contacten en contracten tussen OG en ON onder invloed van de aanbestedingsmethode concurrentiegerichte dialoog.

Reactie van vaste tegenlezer Richard Lennartz

Klinkt heel plausibel en herkenbaar Mieke. En toch ben ik het niet helemaal met je eens. Ja die bovenlader wel, en ook dat van die oude modellen.

Maar eigenlijk zeg je tussen de regels door wel dat die lokale witgoedhandelaar wel heel goed is. Hij is vriendelijk, geeft er gratis adviezen bij die je moeder helpen en je moeder voelt zich er blijkbaar welkom. Dat is toch ook een onderdeel van de hele kwaliteitsbeleving? En onderschat het belang daarvan niet als die wasmachine een keer kuren heeft.

Voor de nieuwere generaties die groot zijn geworden zaken als `vergelijkend warenonderzoek’ en `moderne groothandel’ speelt dat veel minder. De leegstand in de dorpskernen en het niet kunnen overdragen van de vroeger goed lopende zaken aan de kinderen zijn er in groten getale getuige van.

En bij kuren willen ze gewoon een snelle oplossing in plaats van vooral een aardige meneer. Dus vraag je af of jij moet bepalen wat goed voor je moeder is. Je hebt wel een punt als je dan zegt `en wat als de wasmachine over 3 jaar stuk gaat en de aardige dorpsmeneer is met pensioen?’ Dan heb jij het gedaan in de ogen van je moeder: `had dat dan gezegd!’

Nou Mieke: succes met je dilemma…

Wat betreft die oude modellen: oude techniek is niet per se slechte techniek. Je weet in elk geval vrij zeker dat de foutjes die horen bij een nieuw product eruit zijn. Dat was voor mij een paar jaar geleden de reden om een cv installatie te kopen die al een paar jaar op de markt is.

Maar eerlijk is eerlijk: de vergelijking met adviseurs gaat niet helemaal op. Die moeten of de nieuwste kennis en inzichten brengen, of met – misschien heel oude – vaardigheden een vernieuwende impuls binnen brengen. En na een poosje komt er nog wel eens sleet op; ligt niet per se aan de adviseur, kan vaak ook aan de onderlinge relatie liggen. In het bedrijfsleven zonder aanbestedingsregels hebben ze daar een goede professionele oplossing voor: een keer of een poosje van adviseur wisselen.

Laten we er vanuit de inkoopgemeenschap dus in elk geval voor zorgen dat we bij de inhurende collega’s een stevig beroep doen op hun professionaliteit (en de regels slechts als hulpmiddel daarvoor gebruiken).

Richard Lennartz is directeur van UBR|HIS en CPO UBR