Weblogs

Duoblog Richard Lennartz en Mieke Hoezen: Mam mag ik muziekles?

“Mam, mag ik muziekles?” Wat een leuke vraag. Bij ons in huis is altijd muziek. Mijn man en ik spelen trompet en klarinet in diverse gezelschappen. We hebben regelmatig vrienden over de vloer waarmee we samen spelen en met de kinderen hebben we altijd veel gezongen. De vraag komt niet als een verrassing voor me, en ik vind het leuk. Dat zeg ik ook: “Wat een leuk idee! Wat zou je graag willen? Blokfluit, piano, gitaar, trompet, bugel, klarinet…?”. Ik noem alle instrumenten die we in huis hebben. Maar nee, dat had ze natuurlijk net niet in gedachte. Vioolles, dat wil ze graag.

Pffff….toch wel een dure hobby

Hoe leuk ik het ook vind, ik moet wel even slikken. Ik denk wel dat de kinderen muzikaal zijn. En ze vraagt zelf om muziekles, dus de motivatie is er. Maar of het een succes wordt, is niet gegarandeerd. Dus helemaal enthousiast regeer ik niet. We hebben het instrument niet, dus dat moeten we aanschaffen. Dan moet zo’n viool in een nog te kopen koffer en moet ik op zoek naar een vioolleraar (want hoeveel muzikanten we ook in onze vriendenkring hebben, natuurlijk geeft er niet één vioolles). Dat is nogal een investering voor een hobby die misschien nog geen half jaar zal duren…

Je maakt altijd een afweging

Mijn aarzeling is gemakkelijk door te trekken naar de aanbestedingspraktijk. Hoe aantrekkelijk een opdracht ook lijkt, deelnemen aan een aanbesteding vraagt nogal wat. Inschrijvers maken een afweging: wat levert de opdracht me op, gesteld dat ik hem binnenhaal? Hoeveel kost het me om een inschrijving te doen? En hoe groot is de kans dat ik win?

Kijk goed naar de verhoudingen

Dat betekent dat je daar als aanbestedende dienst ook rekening mee moet houden. Het stellen van extreme eisen, laten opstellen van uitgebreide gedetailleerde dossiers en risicomanagementplannen… Bij het ontwerpen van de aanbesteding lijken ze allemaal nodig om de beste partij te contracteren. Maar als dit niet in verhouding staat tot de grootte van de opdracht, kunnen geïnteresseerde partijen alsnog afzien van inschrijving. Kijk dus voordat je de ontworpen aanbesteding in de markt zet, nog even goed naar de verhouding tussen transactiekosten en opdrachtsom.

Kleine investering, lage drempel

Dat heeft de muziekschool ook gedaan: De komende weken gaat mijn dochter vijf proeflessen volgen voor de helft van het eigenlijke cursusgeld. En we kunnen een viool huren. Mocht ze daarna een instrument willen kopen, dan gaat het bedrag dat we in de voorliggende periode aan huur hebben betaald, van de koopsom van een nieuw instrument af. Dat maakt de investering minder groot, en daardoor de drempel minder hoog. Mijn dochter is helemaal gelukkig.

Mieke is nauw betrokken bij het inkoopwerkveld. Momenteel als bestuursadviseur Kennis en Netwerkkwaliteit, eerder als inkoopadviseur GWW. Ze is gepromoveerd op de ontwikkeling van contacten en contracten tussen OG en ON onder invloed van de aanbestedingsmethode concurrentiegerichte dialoog.

Reactie van vaste tegenlezer Richard Lennartz

In mijn antwoord kan ik me er natuurlijk heel erg lui vanaf maken. En wel door te verwijzen naar de Gids Proportionaliteit; die gids die zegt dat je alles `in goede proporties’ moet doen.

Maar je prikkelt me wel. Ook met de Gids in de hand kun je namelijk nogal wat afschrikwekkende vragen stellen. En daar is de aanbestedende dienst niet mee gediend want ergens moeten die aanbieders de kosten wel weer terug verdienen. Waar de rekening uiteindelijk belandt weet ik wel. Nog even los van de vraag of je de beste oplossing krijgt. En als er veel onzekerheden in de aanbieding zitten zie je dat linksom of rechtsom ergens terug in de prijs die je betaalt.

Vioolles als goede aanvulling op de Gids Proportionaliteit

De aanpak die je beschrijft is eigenlijk heel agile: kleine stapjes, experimenteren, kunnen aanpassen, overstappen of zelfs stoppen. Jouw vioolles illustreert wat we in de aanbestedingspraktijk ook veel meer moeten zoeken: mogelijkheden om agile te werken.

Van vioollesscholen naar complete orkesten

Ik zie meteen een hele grote groep startende violisten (lees: start-ups) die ineens wel een eerste kleine stapje kunnen zetten binnen de overheid. Violisten met briljante ideeën die we nu niet te zien krijgen. En ook violisten waar we op een gepaste manier afscheid van nemen als we orkestleden zoeken in plaats van solisten (sorry, ik bedoel dat we het kleinschalig ontwikkelde idee zodanig grootschalig gaan inzetten dat die kleine start-up het niet meer aan kan).

Met de aanbestedingsdocumenten af en toe de muziekschool bezoeken

En waar we niet agile kunnen aanbesteden: laten we die aanbestedingsdocumenten maar eens vaker naar de vioolleerlingen brengen. Dan gaan we samen kijken of we al die vragen echt moeten stellen om nieuwe leerlingen in te kunnen schrijven.

Oh ja: ik las zojuist dat Economische Zaken €250MIO uittrekt om vioolleerlingen te zoeken. Zowel individuele leerlingen alsook orkestleden. Zie het nieuwsbericht op Rijksoverheid.nl.

Richard Lennartz is directeur van UBR|HIS en CPO UBR

Reactie toevoegen

U kunt hier een reactie plaatsen. Ongepaste reacties worden niet geplaatst. Uw reactie mag maximaal 2000 karakters tellen.

Uw reactie mag maximaal 2000 karakters lang zijn.

Reacties

Er zijn nu geen reacties gepubliceerd.