'Meer kijken naar het talent'

Berry van de Wiel werkt sinds december 2017 als interne begeleider voor de locatie Westraven (Rijkswaterstaat) bij team Banenafspraak, dat zich inzet voor het creëren van banen voor participanten (mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt). Zelf behoort hij ook tot deze doelgroep. Wat houdt zijn functie precies in en hoe beleeft Berry zijn eerste drie maanden bij de Corporate Dienst bij Rijkswaterstaat?

Barry Rijkswaterstaat

Al vanaf de jaren ’80 houdt Berry zich bezig met loopbaanontwikkeling, loopbaanplanning en coaching, hier heeft hij een eigen bedrijf in gehad. Bij Rijkswaterstaat (RWS) waren ze op zoek naar iemand die intern in kan springen bij het begeleiden van participanten binnen RWS, dus hier kwam de ervaring van Berry van pas.
‘Wat ik doe, is het ‘ontzorgen’ van leidinggevenden en participanten, zodat het een win-winsituatie wordt. Het is een niet-bestaande functie, die is gecreëerd voor het team Banenafspraak. En dat kan ook, want wij zijn boven formatief. Voor de meeste participanten worden er elementen uit verschillende functies samengevoegd, dit heet jobcarving.’

Werken vanuit talent

Doordat Berry zelf onderdeel van de doelgroep is, weet hij hoe het is om een gebrek te hebben. ‘Ik ben NAH-patiënt, ik heb niet-aangeboren hersenletsel. Dat betekent dat waar ik eerst cognitief voor 100% functioneerde, ik nu maar voor 5% functioneer. Onder andere daardoor heb ik mijn eigen bedrijf op moeten geven. Intellectueel mankeer ik gelukkig niks. Ik kan mijn oude vak nog wel goed uitoefenen omdat dit te maken heeft met lange termijn geheugen en dat is nog intact. Ik houd het alleen minder lang vol. In ons team hebben we allemaal een beperking, maar dat is niet waarom we werken. We werken omdat we bepaalde talenten hebben.’ ‘RWS heeft een duidelijk doel, los van het feit dat het door de regering afgedwongen is. Er is een beleid, er is een team samengesteld. We zitten nu op de 115 participanten en dat moeten er op termijn nog veel meer zijn.’

Doel in werk

Berry heeft een duidelijk beeld van wat hij wil bereiken in zijn functie. ‘Ik zie als einddoel dat ik mensen kan plaatsen en dat ik ze zo goed kan begeleiden dat ze er naar hun zin zitten en dat de leidinggevende ontzorgd wordt. Dus dat iemand echt ingezet wordt op kwaliteit en talenten en ook geholpen wordt om deze verder te ontplooien. En dat er niet alleen gekeken wordt naar de beperking.’ '‘Gewone’ medewerkers hebben overigens ook hun beperkingen. Ik wil het stigma er vanaf halen. En wij als team zijn daar zelf het voorbeeld van. Wij hebben onze beperkingen, maar kunnen uitstekend functioneren en een goed resultaat neerzetten.’

Onwetendheid

In gesprekken met managers hoort Berry verschillende geluiden over werken met mensen uit de banenafspraak.
‘Er zijn leidinggevenden die laaiend enthousiast zijn, maar sommige vinden het moeilijk. Als je een autist in dienst neemt, moet je weten hoe je daar mee omgaat. Dat vinden mensen vaak lastig, dat is onwetendheid. Daar gaan ik en ons team ook een rol in vervullen. Uiteindelijk wordt een leidinggevende toch enthousiast, omdat hij of zij de meerwaarde ziet. Als je mensen de juiste handvatten geeft, dan zie je dat het uitstekend gaat.’ ‘Het feit dat de meeste participanten het naar hun zin hebben en zeggen dat ze onderdeel van hun team zijn, betekent dat we het al hartstikke goed doen met z’n allen. Maar er moet nog veel gebeuren. Nu is het nog een beetje: o jee, ik haal een beperking in huis! Daar ligt nog een taak voor het team.’
Voortaan willen we dat een kandidaat gelijk een werkbuddy krijgt, dus iemand die zorgt voor de inhoudelijke inwerkperiode. Ik ben er dan als interne begeleider om te kijken wat ik erin kan doen. Het is wel investeren, maar dan is er meer kans van slagen.’

Toegevoegde waarde

‘Mijn werk bestaat vooral uit praten met mensen en luisteren en inventariseren van mogelijk zaken die ik voor de medewerker en/ of leidinggevende kan oplossen. Ik word heel blij als ik hoor dat mijn bijdrage iets heeft opgeleverd en dat ik echt iets heb kunnen betekenen voor iemand. Het gaat me niet om het krijgen van complimentjes, maar dat ik weet dat ik mijn taak vervul als interne begeleider.’ ‘Participanten durven vaak iets niet aan te kaarten, omdat ze dan misschien geen verlenging krijgen van hun aanstelling. Ik denk dat je beter dingen bespreekbaar kunt maken. Maar het is wel goed om het voor te bereiden, zodat je weet wat je moet zeggen. En daarbij kan ik helpen.’
‘Ik heb nu ongeveer de helft van de leidinggevenden in Westraven gesproken die een participant onder hun hoede hebben. Overal hoor ik hetzelfde: wat zijn we blij dat jij er bent en we zijn ook blij dat het team Banenafspraak er is. Ze weten nu waar ze terecht kunnen met hun vragen. Er heerst nog wel enige chaos. Niemand lijkt de procedures te kennen, maar het zijn eigenlijk de gewone aanstellingsprocedures met wat aanpassingen.’

Eerste indruk van de Corporate Dienst bij Rijkswaterstaat

‘De sfeer binnen de Corporate Dienst vind ik uitermate positief, heel informeel. Het gaat heel erg over ‘wij’. En iedereen is bereid om elkaar te helpen. Het is allemaal ‘je’ en ‘jij’. Wat ook positief is, is dat de directie hier goed meedenkt over de banenafspraak. Een minder positief punt vind ik dat de regels best ingewikkeld zijn. Ik ben hier nu bijna drie maanden en ik heb nog geen idee hoe het zit met alle procedures. Maar ik heb ook een cognitieve beperking, dus voor mij is het sowieso lastiger.’
‘Ik vind RWS echt een mooi bedrijf, met historie. Ik ben ook al een beetje trots dat ik hier werk. Ik vind het mooi wat er gebeurt rondom duurzaamheid en waar wij mee bezig zijn: inclusie. Dat vind ik echt fantastisch. Rijkswaterstaat onderscheidt zich echt van de rest van de overheid. En wij doen het ook heel goed wat betreft het aantal participanten.’

Bronvermelding: Rijkswaterstaat

Hoort bij