Bouwen aan een nieuw inburgeringsstelsel: 'Een bijzondere klus'

I-Interimmers Saskia Boersma en Astrid de Ruiter werken bij het programma Veranderopgave Inburgering (VOI) binnen het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Met het programma wil SZW het inburgeringstraject verbeteren, in samenwerking met verschillende ketenpartners. 'Uiteindelijk doen we dit voor alle inburgeringsplichtigen, die op deze manier beter de taal leren spreken en sneller kunnen meedoen in Nederland.'

Wat houdt het programma in grote lijnen in?

Saskia: 'Wij werken bij het programma Veranderopgave Inburgering binnen het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, aan de invoering van een nieuw inburgeringsstelsel. Het nieuwe stelsel moet ervoor zorgen dat nieuwkomers de kans krijgen een goede start te maken in Nederland. De snelste weg voor inburgeringsplichtigen om mee te doen in de maatschappij is het leren van de Nederlandse taal en het vinden van een baan. In het huidige regeerakkoord zijn afspraken gemaakt om dit te verbeteren. Zo krijgen de gemeenten in dit nieuwe stelsel de regie op de uitvoering. Het ministerie van SZW ondersteunt bij de voorbereiding met het programma VOI. Naast gemeenten en SZW zijn er ook andere ketenpartijen bij dit proces betrokken. Denk aan DUO, COA, Divosa, VNG en de IND. Goed doordachte informatievoorziening en gegevensuitwisseling is cruciaal om dit proces te laten werken, want ketenpartners moeten onderling gegevens kunnen delen en de juiste informatie moet bij de inburgeraar terechtkomen. Vanaf 1 januari 2022 gaat het stelsel van kracht en moet er dus een solide basis staan die werkt.'

Links Saskia Boersma, rechts Astrid de Ruiter

Wat zijn jullie rollen en opdrachten precies?

Saskia: 'Ik ben aangesteld als coördinator Informatievoorziening. Aan mij de taak om de informatievoorziening en gegevensuitwisseling in te richten. Het interessante is dat ik een soort dubbelrol heb. Aan de ene kant ben ik intensief betrokken aan de beleidskant om te zorgen dat de juiste grondslagen voor gegevensuitwisseling zijn opgenomen in de wet. Aan de andere kant heb ik een regierol in de voorbereiding van de uitvoering in de keten. Op deze manier hebben we de I-component echt een integraal onderdeel kunnen laten worden van het programma. Een mooi voorbeeld dus van "I aan de voorkant van beleid"; een manier van werken die echt zoden aan de dijk zet.'


Astrid: “Ik ben actief als programmasecretaris binnen team IV. In die rol heb ik me al op verschillende onderdelen mogen richten. Mijn opdracht verandert steeds mee met de fase waarin het programma zich bevindt. Op dit moment richt ik me op het proces rondom de leerbaarheidstoets. De leerbaarheidstoets is een onderdeel van de brede intake en moet inzicht geven in het niveau van de Nederlandse taal dat de inburgeringsplichtige maximaal kan bereiken tijdens de inburgeringstermijn van drie jaar. De uitkomst van de toets is een belangrijke indicator voor het bepalen van de leerroute van de inburgeringsplichtige. Daarnaast werk ik aan de gegevenslevering ten behoeve van monitoring en evaluatie. De Kamer wil straks natuurlijk zien wat de effecten zijn van de nieuwe wet en of de doelstellingen gehaald worden. Daarvoor heb ik veel contact met het CBS als uitvoerder en de gemeenten als informatieleverancier.”

'De wet per 1 januari 2022 in werking laten treden heeft prioriteit.'

In welke fase bevindt het programma zich? Wat staat er nog op de agenda?

Saskia: 'Vorig jaar hebben we de impact op alle betrokken organisaties bepaald. Sindsdien hebben we hard gewerkt aan het opleveren van alle ketenproducten, zoals de ketenarchitectuur, het informatiemodel keten en de werkprocessen. De ketenpartners zijn nu gestart met de ontwikkeling van de informatieproducten en we willen deze vanaf oktober dit jaar uitgebreid gaan testen. Natuurlijk heeft corona impact gehad, maar over het algemeen hebben we een goed tempo kunnen houden. Het belangrijkste is dat we een werkende informatieketen hebben op 1 januari 2022, waar vanuit we door kunnen ontwikkelen. De wet in werking laten treden heeft absoluut prioriteit.'

Wat vinden jullie bijzonder aan deze klus?

Astrid: 'Ik haal enorm veel energie uit samen met ons team de doelen halen, en per 1 januari 2022 de wet in werking te kunnen laten treden conform de afspraken. De opdracht en dit departement passen goed bij mij. Het is leuk en interessant om te zien hoe het er hier aan toegaat. De cultuur is toch weer anders dan bij andere ministeries.' Saskia: 'Ik sluit me daarbij aan. En natuurlijk is het best een bijzondere klus, met een grote politieke, maar ook concrete maatschappelijke component. Dat motiveert mij zeker.  Ik geloof ook enorm in de verbeteringen die dit gaat opleveren. Uiteindelijk doen we het voor al de nieuwkomers in Nederland, die op deze manier beter de taal leren spreken en sneller kunnen integreren. Dat is voor hen goed, en natuurlijk ook voor de Nederlandse maatschappij.'